BouwProfs

De bouw online verbonden.

Aannemer vs onderaannemer, wie is aansprakelijk en wie geeft garantie?


Stel; een aannemer heeft de opdracht gekregen voor het bouwen van een gebouw. In beginsel is de (hoofd)aannemer verantwoordelijk voor het geheel, echter de markt leert ons dat de aannemer de verantwoordelijkheid steeds vaker juridisch verschuift naar de onderaannemer. Uiteindelijk is de aannemer dus de bouwregisseur die alle benodigde partijen contracteert om het werk uit te voeren.

De klant dacht met één verantwoordelijke partij zaken te doen, maar de realiteit is dat de klant in feite zaken doet met allemaal kleine partijen en weet doorgaans vooraf niet wie de onderaannemer is en of deze überhaupt draagkrachtig is om zijn verantwoordelijkheid te nemen.

Bijvoorbeeld
De aannemer gebruikt voor het aanbrengen van de dakbedekking een onderaannemer. Deze onderaannemer is een dakdekker die zijn mankracht inhuurt. Na oplevering geeft deze partij 10 jaar schriftelijke garantie echter zonder dit in te schrijven bij het waarborgfonds. Vijf jaar na oplevering word een gebrek zichtbaar. De dakdekker heeft geen dampremmer gebruikt. Hierdoor is de hele dakopbouw verzadigd en moet compleet vervangen worden.

Inmiddels is de onderaannemer failliet en de klant kan geen aanspraak maken op de schriftelijke garantie. Feitelijk heeft de klant veel geld betaalt voor een gebouw en draagt uiteindelijk zelf een ondraagbaar risico. Of toch niet?

Wie is hier volgens jullie aansprakelijk…?


Deze discussie is gestart in de BouwProfs linkedin groep door Bob Kettering, adviseur en directeur bij FACET architecten en adviseurs.

Weergaven: 4057

Hierop reageren

Berichten in deze discussie

De hoofdaannemer blijft aansprakelijk

De hoofdaannemer is de aan te spreken partij. Dat deze zijn aansprakelijkheid niet kan verhalen op de onderaannemer is zijn keuze bij de selectie van leveranciers en onderaannemers.

Hoofdaannemer is en blijft aansprakelijk.

De hoofdaannemer is en blijft aansprakelijk, er vanuit gaande dat de aannemingsovereenkomsten juist gesloten zijn en er geen afwijkende voorwaarden van toepassing zijn op het werk.

Bij de oplevering is echter waarschijnlijk niet goed geconstateerd dat de garantiebepalingen niet aansloten op elkaar. Met name bij verzekerde garanties is de garantieverklaring en onderhoudsverplichting van belang voor een reclamatie. De hoofdaannemer dient wel een algemene garantieverklaring af te geven over die items die benoemd zijn in technische omschrijving en/of bestek. De garantieverklaring van de dakdekker is dan secundair geworden, en alleen van belang indien de hoofdaannemer ophoud te bestaan. Accepteer dan ook nooit alleen een garantieverklaring van de hoofdaannemer, maar altijd gezamenlijk met de onderliggende garantieverklaringen van de onderaannemers.

Dit zijn wel zaken die al in bestek geregeld dienen te worden en zeker bij de oplevering gecontroleerd en beoordeeld moeten worden.

Na oplevering is de (hoofd)aannemer is alleen aansprakelijk voor verborgen gebreken; dus gebreken die met goed toezicht vanuit de opdrachtgever niet zichtbaar waren tijdens de bouw. Echter als een particulier opdrachtgever is, is deze toezicht verplichting veel minder sterk en dus de hoofdaannemer eerder aansprakelijk te stellen. Dit conform de Nederlandse wetgeving. Of toezicht het ontbreken van de dampremmer had behoren te constateren en in had moeten grijpen namens de opdrachtgever, is onderwerp van jurisprudentie en uitspraak arbitrage of rechter. Aangezien er in dit voorbeeld geen fouten door leveranciers zijn gemaakt en hun wel toegepaste producten voldoen aan de (garantie)eisen, is daar geen aansprakelijkheid conform de EU wetgeving producenten verantwoordelijkheid en het voorzorgsbeginsel. Kortom; onderwerp van wetsaanpassing rond kwaliteit aansprakelijkheid bouw zoals dit jaar in de kamer te bespreken.

Eens met Remko Zuidema, het wordt hoog tijd dat er betere regels komen voor productaansprakelijkheid in de bouw.

In principe is de (hoofd)aannemer verantwoordelijk en aansprakelijk. Wel goed regelen in de contractstukken. (zie antwoord Ernest Cools. 

Het wordt hoog tijd dat er betere regels komen voor productaansprakelijkheid in de bouw. Het is toch te gek dat de bouw een uitzonderingspositie kent.

De praktijk is veel weerbarstiger en de Europese regels voor productaansprakelijkheid gelden niet of niet volledig voor de bouw.

Het kabinet wil hierin verandering brengen.

Het kabinet wil de aansprakelijkheid van bouwers vergroten. Dat verklaren Haagse bronnen tegenover Cobouw. De regering zou zelfs voornemens zijn om het Burgerlijk Wetboek aan te passen.

Nieuwe regels moeten de positie van opdrachtgevers en eindgebruikers versterken en de geleverde bouwkwaliteit verhogen. Zelfs ernstige bouwkundige gebreken zouden nu nauwelijks op aannemers te verhalen zijn. 

Eindeloos juridisch getouwtrek over schades, instortingen en broddelwerk, is het gevolg van een maas in de wet die een uitzonderingspositie biedt voor de bouw. Waar fabrikanten van producten zoals wasmachines principieel aansprakelijk zijn en blijven voor technische fouten, is de aannemer een dag na oplevering al van de meeste toekomstige claims gevrijwaard. Dat heeft te maken met artikel 758 uit boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.

Hier het gewraakte artikel 758:

1. Indien de aannemer te kennen heeft gegeven dat het werk klaar is om te worden opgeleverd en de opdrachtgever het werk niet binnen een redelijke termijn keurt en al dan niet onder voorbehoud aanvaardt dan wel onder aanwijzing van de gebreken weigert, wordt de opdrachtgever geacht het werk stilzwijgend te hebben aanvaard. Na de aanvaarding wordt het werk als opgeleverd beschouwd.

2. Na oplevering is het werk voor risico van de opdrachtgever. Derhalve blijft hij de prijs verschuldigd, ongeacht tenietgaan of achteruitgang van het werk door een oorzaak die niet aan de aannemer kan worden toegerekend.

3. De aannemer is ontslagen van de aansprakelijkheid voor gebreken die de opdrachtgever op het tijdstip van oplevering redelijkerwijs had moeten ontdekken.

Het wordt dus tijd voor een spoedige verandering van de wetgeving ter bescherming van de eindgebruikers.

Daarom adviseer ik (particuliere)opdrachtgevers vooralsnog geen bouwopdrachten af te sluiten, uitsluitend koopopdrachten met overdracht moment na 'interne' oplevering door de aanbieder. De essentie hier zit hem hierbij in de DEFINITIE van Verborgen Gebrek! Bij eigen opdrachtgeverschap is alles wat tijdens de bouw zichtbaar is GEWEEST, in principe geen verborgen gebrek. Waarbij vanuit particulier opdrachtgeverschap de bewijslast lager is dan voor beroepsmatig opdrachtgeverschap. Bij koop gaat het om de dan (nog) zichtbare gebreken, dat maakt nogal een verschil.

Daarnaast resteert er een weigeringsgrond bij koop als duidelijk niet wordt geleverd wat wel is overeengekomen, inclusief nazorg verplichting en ondersteund door de notaris. Het is niet ideaal natuurlijk, want koopgarantie is er maar 3 jaar bovenop de doorlopende bouwproduct garanties.

Zie meer de discussie http://www.bouwprofs.net/forum/topics/cpo-project-zoekt-innovatieve... van februari rond garanties en aansprakelijkheden.

Een exact gelijke casus heb ik als voorzitter van de VVE ondervonden. Twee jaar na oplevering in 2002 zijn er vochtproblemen geconstateerd. Het heeft nog tot 2009 geduurd voordat de aannemer, gedwongen door onafhankelijk onderzoek, zijn gebrek heeft onderkent. In 2011 is onder garantie op kosten van de aannemer (bouwcombinatie) de gehele dakbedekking vervangen. Deze keer met dampremende laag. 

Een van de problemen van onze situatie was dat de VVE destijds niet de opdrachtgever was maar nu wel eigenaar en belanghebbende is.

De hoofdaannemer blijft dus aansprakelijk. Dit is ook zo geformuleerd in de UAV 2012.

Paragraaf 6 lid 26 omschrijft de verplichtingen van de aannemer (lid 27 de uitzondering hierop);

De aannemer kan bepaalde onderdelen van het werk in onderaanneming laten uitvoeren, mits voor de keuze van deze onderdelen en van de daarvoor in te schakelen onderaannemers de schriftelijke goedkeuring van de directie is verkregen; deze goedkeuring zal niet mogen worden onthouden op onredelijke gronden. De aannemer blijft niettemin jegens de opdrachtgever voor die onderdelen ten volle verantwoordelijk. 

Essentieel is dat de aannemer de onderaannemer / leverancier voorlegt aan de opdrachtgever welke hier goedkeuring aan verleend.

Paragraaf 22 lid 3 omschrijft de garantie na oplevering:

Indien in het bestek is vermeld dat een onderdeel van het werk door een onderaannemer of een leverancier moet worden gegarandeerd, draagt de aannemer zorg voor het verstrekken van de garantie door de onderaannemer of leverancier aan de opdrachtgever. Indien deze garantie niet door de onderaannemer of leverancier wordt verstrekt, wordt een dienovereenkomstige garantie door de aannemer verstrekt. 

@ Remco

In de oude UAV 1989 en UAVTI 1992 was inderdaad onder paragraaf 12 aansprakelijkheid na oplevering onder lid 3 opgenomen;

Een gebrek als bedoeld in het tweede lid onder b is slechts dan als een verborgen gebrek aan te merken, indien het, ondanks nauwlettend toezicht tijdens de uitvoering dan wel bij de opneming van het werk, bedoeld in § 9, tweede lid, door de directie redelijkerwijs niet onderkend had kunnen worden. 

Dit artikel is in de UAV 2012 VERVALEN. Dit beteken dat ook indien de opdrachtgever toezicht laat uitoefenen de aannemer volledig aansprakelijk blijft. (m.u.v. van de gevallen voor 2012!)   

@Derk Budde Volgens UAV2012 moet de opdrachtgever nog steeds expliciet aangeven WAAROP garantie moet worden gegeven. Dit zul je buiten de NL bouw nergens terug vinden. Normaal is dat de opdrachtnemer garantie geeft op ALLES, tenzij de opdrachtgever schriftelijk heeft aangegeven daar op specifieke onderdelen vanaf te zien! Alleen bij "directie"leveringen kan ik me daar iets bij voorstellen.

Dus nog steeds omgekeerde wereld, net zoals dat de opdrachtgever geacht wordt toezicht te houden en anders reden tot meerwerk van de opdrachtnemer ontstaat. Ook dat zul je buiten de NL bouw niet aantreffen. Wat mij betreft te zot voor woorden, vandaar bovengenoemde koop oplossing. Ook niet ideaal, maar wel beter. 

NL is een van de weinige landen (zo niet het enige) waarin de architect en constructeur slechts een beperkte aansprakelijk hebben. Deze aansprakelijkheid wordt vervolgens middels ingewikkelde bestekken overgeheveld naar de aannemer(s). Vervolgens geven aannemers ook een beperkte zekerheidstelling op de uitvoering van het gebouw en de onder garantie verwerkte onderdelen (leveranciers).

Ik ben zeker een voorstander voor een verdergaande productaansprakelijkheid voor een bouwwerk.

Inderdaad Derk Budde Alleen NL, UK en Ierland :)

Maar hopelijk niet lang meer; de goeden lijden nu nog onder de kwaden.

Zou deze discrepantie te voorkomen zijn, indien de hoofdaannemer en onderaannemers zelf-certificerend worden. Waar in zij dus eigenlijk toezeggen het werk conform bestek en tekeningen en volgens goed vakmanschap uitgevoerd te hebben.

Volgens mij kan je bouwfouten niet afschuiven op gebrekkig toezicht. In de planning, of keuringsplan dient de aannemer wél controlemomenten op te nemen en wie verantwoordelijk is voor deze controle. Daarmee ondervang je m.i. ook veel potentiële gebreken. Bv. iedere aannemer vindt het vanzelfsprekend dat de wapening gecontroleerd wordt door hoofdconstructeur en opzichter, alvorens beton gestort wordt. Dit kan/dien je ook met tal van andere constructies te doen, waar je later niet meer bij kan.

Antwoorden op discussie

RSS

Wie zijn lid van BouwProfs?

© 2017   Gemaakt door Michel Eek.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden

Google+